Failliet verklaard. Wanneer krijg je als leverancier je spullen terug?

Reorganisatie & faillissement

Failliet verklaard. Wanneer krijg je als leverancier je spullen terug?

V&D, Macintosh, Dixons en Drogisterij DA. Het aanzienlijke aantal faillissementen dat recent in de Nederlandse retailbranche is uitgesproken is niemand ontgaan.

Bij deze ondernemingen worden curatoren veelvuldig geconfronteerd met leveranciers die onder eigendomsvoorbehoud goederen aan gefailleerde hebben geleverd. In onze faillissementspraktijk – waarin wij in sommige faillissementen als curator acteren en in andere faillissementen leveranciers bijstaan – zien wij dat de leverancier die onder eigendomsvoorbehoud aan een gefailleerde heeft geleverd, met enige regelmaat tegen een aantal issues aanloopt. Zo kunnen er problemen ontstaan over de toepasselijkheid van het eigendomsvoorbehoud en de reikwijdte van het eigendomsvoorbehoud. In deze bijdrage wordt eerst het leerstuk van eigendomsvoorbehoud in faillissement besproken en zullen tevens een aantal handvatten voor de leverancier die onder eigendomsvoorbehoud levert worden aangereikt.

Eigendomsvoorbehoud in faillissement

De onder eigendomsvoorbehoud geleverde goederen vallen buiten de faillissementsboedel. De leverancier kan deze goederen die nog niet betaald zijn vervolgens terugvorderen bij de curator. In onze praktijk zien wij dat het voor leveranciers met een eigendomsvoorbehoud verstandig is om snel te handelen en direct na faillissement schriftelijk bij de curator een beroep te doen op het eigendomsvoorbehoud. Leveranciers met een eigendomsvoorbehoud dienen er vervolgens rekening mee te houden dat een door de rechtbank ingestelde afkoelingsperiode verhinderd dat er direct zal worden overgaan tot teruggave van de goederen.

Is er een eigendomsvoorbehoud overeengekomen?

De leverancier die goederen opeist zal het eigendomsvoorbehoud moeten aantonen. Met enige regelmaat gaat het hier al mis voor de leverancier. Het is vanzelfsprekend verstandig om het eigendomsvoorbehoud uitdrukkelijk en schriftelijk overeen te komen. In de meest ideale situatie wordt het eigendomsvoorbehoud in een ondertekende overeenkomst overeengekomen. Het eigendomsvoorbehoud kan ook in de algemene voorwaarden worden opgenomen. Ook hier ontstaan soms problemen voor de leverancier. De leverancier moet namelijk de algemene voorwaarden aan de afnemer ter hand hebben gesteld en de algemene voorwaarden moeten daarnaast van toepassing zijn verklaard.

Reikwijdte eigendomsvoorbehoud

Leveranciers zijn soms onzorgvuldig in de formulering van het eigendomsvoorbehoud. Dit kan – zeker in een faillissementssituatie – van cruciaal belang zijn. Naast het beperkt eigendomsvoorbehoud bestaat er het verlengd eigendomsvoorbehoud. Dit houdt in dat het eigendomsvoorbehoud ook van toepassing is op andere geleverde producten van de leverancier die wél al betaald zijn. Voor vorderingen wegens het tekortschieten in de nakoming van een overeenkomst tot het leveren van zaken, kan het eigendomsvoorbehoud – mits correct geformuleerd – eveneens van toepassing zijn. Het is dan ook zaak dat een leverancier bij het opstellen van het eigendomsvoorbehoud bedenkt welk eigendomsvoorbehoud het beste bij zijn bedrijfsvoering past zodat er bij betalingsonmacht niet (alsnog) achter net wordt gevist.

Afkoelingsperiode

Een andere mogelijke bemoeilijking in een faillissement is de zogeheten afkoelingsperiode. Dit houdt in dat gedurende de afkoelingsperiode (meestal voor de duur van twee maanden) derden goederen die hun eigendom zijn en zich bij de failliet bevinden (zoals onder eigendomsvoorbehoud geleverde goederen) niet mogen ophalen. Tijdens de afkoelingsperiode wordt een onderneming vaak voortgezet. In dat geval is het voor leveranciers aan te raden om direct een beroep te doen op het eigendomsvoorbehoud en afspraken te maken met de curator over de wijze waarop het eigendomsvoorbehoud wordt afgewikkeld. Er kan bijvoorbeeld worden overeengekomen dat de leverancier geheel conform onderliggende overeenkomst c.q. algemene voorwaarden wordt vergoed. Hierdoor blijft de schade van een leverancier beperkt. Indien er geen afspraken worden gemaakt met de curator loopt de leverancier het risico dat de goederen worden verkocht aan een derde die te goeder trouw is. De overdracht is dan geldig en het eigendomsvoorbehoud van de leverancier gaat verloren.

Oneigenlijke vermenging

Een eigendomsvoorbehoud kan ook verloren gaan. De onder eigendomsvoorbehoud geleverde goederen kunnen namelijk vermengd raken met andere goederen, waardoor de goederen niet meer identificeer baar zijn. Indien de leverancier niet kan aantonen op welke goederen het eigendomsvoorbehoud rust gaat het eigendomsvoorbehoud verloren en hoeft de curator de goederen niet terug te geven. Oneigenlijke vermenging kan worden voorkomen door bijvoorbeeld de goederen te voorzien van stickers of labels met daarop de naam van de leverancier en de leveringsdatum.

Conclusie

Kortom, een eigendomsvoorbehoud kan in geval van faillissement van de afnemer een machtig wapen voor een leverancier zijn. Aangezien de belangen van de curator in faillissement soms kunnen botsen met de belangen van de leverancier is het echter wel van groot belang om het eigendomsvoorbehoud goed te regelen en na datum faillissement direct te ageren.

HVG beschikt over zeer ervaren advocaten op het gebied van faillissementsrecht. Zij worden zelf met enige regelmaat als curator in faillissementen benoemd. Wij adviseren u dan ook graag over uw eigendomsvoorbehoud in faillissement en eventuele andere faillissementsrechtelijke kwesties. Neem voor meer informatie contact op met Robin de Wit (robin.de.wit@hvglaw.nl) of Marloes Claessens (marloes.claessens@hvglaw.nl).

Nieuws van HVG Law Blogs ontvangen?